EN PLEIN PUBLIC

Ignace Schops

Ignace Schops is directeur van het Regionaal Landschap Kempen en Maasland, huidig voorzitter van de Bond Beter Leefmilieu en voormalig president van de EUROPARC Federation, het grootste natuurnetwerk van Europa. Hij werd onderscheiden met de Goldman Environmental Prize en is Ashoka Fellow. Daarnaast is hij volwaardig lid van de Europese afdeling van de Club van Rome, eredoctor aan de Universiteit Hasselt en lid van het Climate Leadership Corps van Al Gore. Schops is ook auteur van het succesvolle en in het Engels vertaalde boek Gered door de Boomkikker, de grote toekomst van mens en natuur

Op welke manier komt u in uw dagelijkse beroepsactiviteiten in aanraking met publieke ruimte?


In de afgelopen 35 jaar was de open ruimte mijn speelveld en heel vaak speelde het zich ook af in de publieke ruimte. Met een fantastisch team van het Regionaal Landschap Kempen en Maasland, dat ik mag leiden, ontwikkelden we het Fietsroute-netwerk in Limburg, het Nationaal Park Hoge Kempen, het RivierPark Maasvallei en het UNESCO Mens en Biosfeergebied Kempenbroek.


Aan welke publieke ruimten uit uw kindertijd heeft u de mooiste herinneringen overgehouden? Speelde u als kind op straat?


Natuurlijk speelde ik ook met mijn vriendjes op straat. We speelden er tikkertje en tennis en waanden ons Bjorn Borg – wie kent hem nog - tussen de af en toe passerende auto’s. En als we niet op straat of op publieke pleintjes aan het ravotten waren, konden we ons hartje ophalen in het Kerkeboske en de Mangelbeek. Ik zette daar mijn eerste stapjes in de natuur.


Welke plaats heeft u ooit ontroerd of verrast?


Een bijzonder ven ergens in Limburg, zowat 40 jaar geleden. Elke nacht ging ik er boomkikkers tellen, gehuld in een half duikerspak. De boomkikkers vluchtten snel weg naarmate ik dieper het ven in waadde, maar er was eentje die ter plaatse bleef kekken, alsof hij me iets wilde vertellen. Ik kende de kikkertaal nog niet zo goed, maar plots ervoer ik een gevoel van (h)erkenning. Het was alsof het kikkertje me zei: ‘Als je mij redt, dan zal ik jou redden’. Ontroerd en met tranen in de ogen snapte ik het onmiddellijk: als we de natuur redden, zal de natuur ons redden. Zo simpel en o zo krachtig en waar. Wat ik toen nog niet wist, is dat ik er later een boek over zou schrijven, Gered door de Boomkikker, de grote toekomst van mens en natuur.


Welke openbare ruimte in België moeten onze lezers zeker bezoeken?


Het zal natuurlijk niet verrassen, maar dan denk ik toch aan het Nationaal Park Hoge Kempen. Met een oppervlakte van 12.000 ha is het zowat de laatste plaats waar je verloren kan lopen in Vlaanderen. De weidse heidevlakten, bossen en watervlaktes en het glooiende reliëf van het Kempisch plateau geven niet enkel spectaculaire uitzichten, ze herbergen ook meer dan 9.000 soorten planten en dieren. Door het (Re)Connection Model – een model dat de natuur (opnieuw) verbindt met de samenleving – verhogen we de draagkracht van de natuur en maken we ook de sociaaleconomische waarde van het park inzichtelijk. En die resultaten zijn opmerkelijk. Elke geïnvesteerde euro in het park brengt tien euro op voor de lokale samenleving. Natuur is de beste bank ter wereld.


Welke buitenlandse stad vindt u absoluut een bezoek waard?


Riga, de hoofdstad van de Baltische staat Letland. Letten zijn gastvrije mensen met een hart voor natuur en cultuur. Riga biedt een unieke mix van rijke cultuur en nabije natuur. Het historische centrum is beschermd als UNESCO-werelderfgoed en staat bekend om de prachtige art nouveau-architectuur en middeleeuwse kerken. Vanuit de stadskern bereik je binnen het half uur de ongerepte natuur, zoals het moeraslandschap van Kemeri National Park of de prachtige natuurrijke duinen en stranden van Jurmala.


Wie verdient volgens u een onderscheiding voor zijn of haar inzet voor kwaliteitsvolle publieke ruimten?


Ik wil die onderscheiding opdragen aan alle ruimtelijke planners en milieuambtenaren van de Vlaamse overheid, provincies en gemeenten. Hun job wordt vaak onderbelicht, en ze worden elke dag opnieuw geconfronteerd met kleine en grotere problemen en beperkingen. Dat is niet bevorderlijk voor het humeur en weegt op hun draagkracht. Toch slagen ze er vaak in om de problemen om te buigen in opportuniteiten en innovatieve projecten. Il faut le faire!


Welke ontwikkeling of tendens (op gebied van publieke ruimte) krijgt de komende jaren uw bijzondere aandacht?


Ik hoop op de renaissance van de natuur. We kunnen niet zonder propere lucht, drinkbaar water, gezonde voeding en een natuurrijke leefomgeving. Maar wat ooit vanzelfsprekend was, staat steeds vaker onder druk. Heel wat mensen voelen klimaat-, natuur- en milieuregels aan als pestmaatregelen, terwijl het eigenlijk allemaal volksgezondheidsregels zijn. Er is nood aan een nieuw narratief dat verbindt en waar iedereen wil en kan aan meewerken. Dus op naar een wedergeboorte van de natuur, waarbij we oprecht weer begrijpen dat we niet mogen vernietigen wat ons in leven houdt. De natuur redden is onszelf redden.


Meer info tijdens de deepdive sessie op het Congres Publieke Ruimte:
​​​​​​​https://congres.publiekeruimte.info/programma/regeneratie/