DOSSIER

De waarde van een omgeving op maat van kinderen

Dries Janssens (Mobiel 21)

Voor kinderen is ‘onderweg zijn’ veel méér dan ‘van A naar B gaan’. Ze kiezen voor routes die ‘niet saai’ zijn omdat je er iets kan beleven. Zo maken ze hun leefwereld groter. Alleen ... onze publieke ruimte is helemaal niet voorzien op kinderen. De volwassenen die haar ontwerpen vergeten systematisch om te kijken vanuit kindperspectief. Hoog tijd voor een Kindnorm, en voor een kindvriendelijke update van onze publieke ruimte. 

"Amper een derde van de kinderen tussen 3 en 9 jaar beweegt voldoende"

Kinderen en jongeren zijn geen mini-volwassenen


Een kind kijkt anders naar een straat dan een verkeerskundige. Een muurtje nodigt uit om op te balanceren, een boom om zich achter te verstoppen. Tegelijk merkt een kind snel waar de publieke ruimte tekortschiet: een stoeprand die te hoog is om met de fiets over te rijden, auto’s die te snel door een woonstraat rijden of parkeerplaatsen waar ruimte zou kunnen zijn voor groen, spel en ontmoeting.


Dagelijks raken in Vlaanderen 14 scholieren betrokken bij een verkeersongeval op weg naar school, de meesten te voet of met de fiets. Tegelijk beweegt amper een derde van de kinderen tussen 3 en 9 jaar voldoende, en ongeveer een kwart wordt met de auto naar school gebracht. Kinderen verplaatsen zich steeds minder autonoom en krijgen daar ook steeds later toestemming voor. En dat heeft grote gevolgen. Want de grote boosdoener - onveilig verkeer - beperkt hun zelfstandigheid waardoor ze minder bewegen dan goed is voor hen. Nochtans leren kinderen net door zelfstandig op pad te gaan om risico’s in te schatten en rekening te houden met andere weggebruikers.


De Kindorm: een nieuwe start voor de publieke ruimte


Door kinderen als volwaardige en gelijkwaardige gebruikers mee te nemen in het ontwerp van onze publieke doen we meteen iedereen een plezier: want wat veilig, leesbaar en toegankelijk is voor een kind van acht, is dat ook voor een 88-jarige met een rollator. Dat is waar de Kindnorm op focust: bouwen aan een leefbare, publieke ruimte waarin elk kind zich actief, veilig en zelfstandig kan én mag verplaatsen, ook over langere afstanden. De visieverklaring van de Coalitie Kindnorm bundelt de aanbevelingen in zeven heldere principes waarmee ook lokale besturen concreet aan het werk kunnen.


De belangrijkste voorwaarde voor kinderen om zelfstandig op pad te kunnen en mogen gaan, is een kwaliteitsvolle, autoluwe woonomgeving die actieve verplaatsingen stimuleert. Ook belangrijk om bij stil te staan: kinderen doen meer dan alleen naar school gaan. Ze verplaatsen zich ook naar sportclubs, jeugdbewegingen, vrienden, hobby’s, winkels enzovoort. Kijk dus verder dan de schoolpoort en maak van leefbaarheid, verkeersveiligheid en toegankelijkheid dé toetsstenen voor algemene ruimtelijke planning. Maak van de publieke ruimte een plek waar kinderen en jongeren graag komen, spelen, sporten en zich verplaatsen. Dat is een eerste, maar cruciale stap richting autonomie bij kinderen en jongeren.

Ruimte om fouten te maken


Een ander belangrijk principe zijn veilige routes en fiets- en wandelnetwerken tussen thuis en alle andere belangrijke plekken voor kinderen en jongeren. Zogenaamde kindlinten, veilige verbindingen verrijkt met ontmoetingsplekken, groen en speelruimte, helpen om kinderen hun weg te laten vinden in de publieke ruimte én deze verder te verkennen. Bovendien zijn deze kindvriendelijke verbindingen minstens zo bruikbaar voor ouderen en mensen met een beperking.


Ook oefenruimte is cruciaal. Jonge hersenen, en dan vooral de prefrontale cortex die instaat voor planning en impulsbeheersing, zijn nog volop in ontwikkeling. Dat verklaart waarom kinderen en jongeren soms impulsief reageren en moeilijker snelheid of gevaar kunnen inschatten. Ze zijn dus nog volop bezig om verkeersvaardigheden aan te leren. Dat doen ze door praktijkervaring op te doen. Dat vraagt dan weer een vergevingsgezinde infrastructuur én volwassenen die beseffen dat kinderen fouten mogen maken zonder dat ze daarmee hun leven in gevaar brengen. Verkeerseducatieve routes, fietsexamens en autoluwe schoolroutes geven die oefenkansen een veilig kader.

Kinderen mee aan de tekentafel


Straten kindvriendelijker maken lukt niet zonder kinderen en jongeren zelf te betrekken. Zij zijn de onmisbare ervaringsdeskundigen om de Kindnorm in de praktijk te brengen. Ze hebben bovendien een bijzonder empathisch vermogen om ook voor andere kwetsbare groepen te spreken. Toch worden ze zelden structureel betrokken bij beslissingen over ruimtelijk ontwerp. Zo ontbreekt hun perspectief vaak in het ontwerp van straten en pleinen. Volwassenen denken vaak dat ze goed weten wat kinderen nodig hebben in de publieke ruimte, maar de huidige toestand van onze publieke ruimte suggereert iets anders. Even vaak weten diezelfde volwassenen gewoon niet hoe ze eraan moeten beginnen om kinderen te betrekken bij hun plannen.


Gelukkig bestaan er intussen al enkele mooie voorbeelden van hoe het ook kan. Met het project De Grote Trek bevroeg de stad Gent leerlingen en ouders over hun verplaatsingsgedrag. Aan de hand van een vragenlijst en een kaart om hotspots en knelpunten op aan te duiden, kreeg de stad een beeld van hun ervaringen en noden. Al die data vormen de basis van het kinder- en jongerennetwerk, met alle straten die de Gentse jeugd het meest gebruikt. Bij Gangmakers en Koplopers wijzen kinderen zelf de weg langs trage wegen en tonen ze waar ze graag zijn. Met stukken krijt aan een stok tekenen kinderen bij Trace ton chemin hun eigen route op straat. School op de Teller, een kant-en-klaar educatief pakket van Mobiel 21, maakt van kinderen en jongeren burgerwetenschappers. Aan de hand van Telraam-data leren ze om kritisch naar hun leefomgeving te kijken en oplossingen te formuleren voor meer kindvriendelijke ruimte. Het zijn allemaal goede voorbeelden die helpen om kinderen en jongeren (structureel) te betrekken bij beslissingen over de publieke ruimte die hen even hard aanbelangen als de volwassenen die ze doorgaan zonder hen nemen.


De Kindnorm in de praktijk brengen


De Kindnorm is geen extraatje, maar een noodzakelijke voorwaarde om kinderen vanaf jonge leeftijd veilig en zelfstandig te laten opgroeien in straten, buurten, dorpen, steden die hen daarvoor de ruimte geven. Wie dat doet, bouwt niet alleen aan een kindvriendelijke gemeente, maar aan een leefbare gemeente voor iedereen. Meer weten of zelf aansluiten bij de Coalitie Kindnorm? Mobiel 21 helpt je graag op weg.

Toolbox Voetgangersplan

Op 8 oktober lanceerde Voetgangersbeweging de Toolbox Voetgangersplan. Deze online handleiding is een waardevol hulpmiddel voor lokale besturen om het voetgangersbeleid in hun gemeente te verbeteren. De toolbox biedt handige tips, goede voorbeelden en beleidsinput om op een gestructureerde en effectieve manier met het thema voetgangers aan de slag te gaan.
Met de toenemende aandacht voor duurzame mobiliteit en leefbare steden is het noodzakelijk om te voet gaan mogelijk en aantrekkelijk te maken voor iedereen. De walkable city biedt tal van persoonlijke en maatschappelijke voordelen en helpt (inter)nationale doelstellingen te halen.

De Toolbox biedt een antwoord op de vragen: Waarom een voetgangersplan? Hoe begin je eraan? Wat staat erin? Je krijgt daarnaast ook een overzicht van praktijkvoorbeelden uit binnen- en buitenland. Met ideeën voor mogelijke acties en linken naar relevante tools en projecten wordt je zoveel mogelijk op weg gezet. De komende maanden en jaren groeit de Toolbox verder en wordt hij aangevuld met o.a. downloads, extra voorbeelden en een opleidingsaanbod.